Inhoudsopgave
Wat zijn vaste planten?
Vaste planten zijn kruidachtige planten die meerdere jaren groeien en bloeien. In de winter sterven ze voor een groot deel bovengronds af, maar in het voorjaar komen ze weer terug. Omdat je er meerdere jaren plezier van hebt, zijn vaste planten een duurzame keuze voor jouw tuin.
Is het moeilijk om vaste planten aan te planten?
Het op de juiste manier planten van vaste planten is niet moeilijk. Er zijn een paar zaken waar je op moet letten om de plant de beste start in jouw tuin te geven.
Wanneer moet je vaste planten aanplanten?
Het is goed om de planten zo snel mogelijk nadat je ze gekocht hebt in de tuin te planten. Ze kunnen dan aan hun nieuwe plek gaan wennen. De planten hebben een hele reis achter de rug – zeker als ze zijn verzonden. Haal ze zo snel mogelijk uit de verpakking waarin ze zijn vervoerd en zet ze buiten.
Heb je geen tijd om de planten direct in je tuin te zetten? Geef ze dan water – de grond mag niet uitdrogen – en zet ze op een beschutte plek, uit de zon en uit de wind. Als het vriest, de grond erg nat is of het erg warm en droog is, kun je ook beter even wachten met planten.
Bodem voorbereiden
Wanneer je planten gaat neerzetten op een plek waar nog geen planten staan – zoals een tuin bij een nieuwbouwwoning, een leeggehaalde border of een stuk gazon waar je een border wilt maken – kun je vooraf de bodem verbeteren. Breng een ruime hoeveelheid compost aan en werk dit door de bovenste laag aarde. Terwijl je dit doet, verwijder je eventuele stenen, takjes en onkruidwortels die je tegenkomt.
Wanneer je planten gaat aanplanten op lege plekken tussen bestaande beplanting, ga je op dezelfde manier te werk, maar dan alleen in het plantgat. Je leest het in het stappenplan hieronder.
Planten uitzetten
Zet de planten met pot en al op de plekken waar je ze wilt planten. Let goed op dat ze niet te dicht bij andere planten komen te staan. Ze moeten ruimte hebben om te groeien. Omdat de planten in potjes zitten, kun je ze makkelijk nog wat verplaatsen, tot je helemaal tevreden bent.
Plantverband
Het plantverband geeft aan hoe de planten ten opzichte van elkaar komen te staan. Je kunt planten bijvoorbeeld in rechte rijen planten, in driehoeksverband of volkomen willekeurig ten opzichte van elkaar. Wanneer je de planten in driehoeksverband neerzet, oogt dit heel natuurlijk.
Plantafstand
De plantafstand – of het aantal planten per vierkante meter – verschilt per plantsoort. Blijft een plant klein, dan heb je meer planten per vierkante meter nodig en plant je ze dichter bij elkaar. Groeit een plant snel en wordt hij groot, dan heb je soms aan twee planten per vierkante meter al voldoende.
Voor veel vaste planten geldt dat je er 5 tot 7 per vierkante meter nodig hebt, om je plantvak mooi dicht te laten groeien. Kies je er 5, dan duurt het iets langer dan wanneer je er 7 neerzet, maar na 2 jaar is het in beide gevallen mooi dichtgegroeid. In het geval van 5–7 planten per m² zet je de planten ongeveer 35–40 cm uit elkaar.
Ben je tevreden met hoe de planten staan? Dan is het tijd om te gaan planten.
Stap voor stap een vaste plant aanplanten
Stap 1: Graaf een gat
Graaf een plantgat dat iets groter is dan de wortelkluit van de plant. Verwijder eventuele stenen, takjes en wortelresten uit het plantgat.
Stap 2: Voeg compost toe
Doe wat compost in het plantgat. Je kunt hiervoor compost van je eigen composthoop gebruiken of zelfgemaakte bladaarde. Heb je dat niet, dan kun je bijvoorbeeld biologische tuinaarde-compost van Bio-Kultura gebruiken. Compost zorgt dat de structuur van de grond verbetert, het helpt vocht beter vast te houden en het zorgt ervoor dat de bodem voedselrijker wordt.
Stap 3: Haal de plant uit de pot
De plant uit de pot halen gaat het best als je rondom even in de pot knijpt. Houd de pot horizontaal als je de plant eruit haalt. Trek niet te hard aan de plant, want dit kan de plant zelf of de wortels beschadigen.

Stap 4: Maak de wortels los
Als het goed is, heeft jouw duurzaam gekochte plantje een mooie wortelkluit. Trek, als het een erg vaste kluit is, voorzichtig de wortels een beetje los.
Stap 5: Dompel de wortelkluit in water
Dompel de wortelkluit in een emmer water wanneer zowel de potkluit als de grond erg droog zijn. Heeft het geregend en zijn de potjes buiten al goed nat geworden, dan is dompelen niet nodig.
Stap 6: Zet de plant in het plantgat
Zet de plant in het plantgat en zorg ervoor dat de bovenkant van de wortelkluit gelijkkomt met de aarde rondom het plantgat. Is het plantgat te diep? Vul het dan op met wat aarde en zet de plant opnieuw neer.
Stap 7: Vul het plantgat
Vul het plantgat op met de uitgegraven aarde en eventueel nog wat compost. Druk de grond rondom de plant aan.
Stap 8: Geef de plant water
Gebruik een gieter om de plant water te geven. Op die manier verdwijnt overtollige lucht uit de grond rondom de plant.
Mulchen
Als extra bescherming kun je bovenop de aarde rondom de planten een mulchlaag aanbrengen van ongeveer 5 cm. Deze laag kan bestaan uit houtsnippers, compost en/of afgevallen herfstbladeren. Deze mulchlaag beschermt tegen vorst, houdt vocht vast en zorgt dat onkruid minder kans krijgt. Zorg ervoor dat mulch niet op de planten zelf ligt.
Tip: Is het erg droog nadat je geplant hebt? Geef de planten dan de eerste paar weken regelmatig water, bij voorkeur ’s avonds. Eventueel kun je een dijkje van aarde rondom de plant maken, om ervoor te zorgen dat het water minder snel wegloopt.
Wat heb je nodig voor het aanplanten van vaste planten?
- Plantschepje (voor kleine planten)
- Schop of spade (voor grote planten)
- Emmer water
- Gieter
Tip: Bij veel kwekerijen kun je lege kweekpotjes inleveren voor hergebruik. Kan dit niet, dan kun je ze zelf gebruiken voor stekjes.
Als je vaste planten op de juiste manier aanplant, geef je ze een goede start. Ze zullen uitgroeien tot sterke, gezonde blikvangers in je tuin. Bovendien leg je de basis voor een levende, duurzame tuin die jaar na jaar mooier wordt. Met een gezonde bodem, sterke, gifvrije planten en een beetje aandacht kom je al een heel eind – de rest doet de natuur.

